Omgaan met moeilijke vragen

“Oh nee, een vraag!” Is het eerste wat ik in paniek denk, als één van de drie mannen op de achterste rij zijn hand opsteekt.

“Ik weet vast het antwoord niet.” 

“Ik val door de mand.” 

“Hij heeft een fout ontdekt in mijn redenering.”

Allemaal gedachten die door mijn hoofd racen, zodra ik de hand zie.

Zo stond ik voor de groep, toen ik begon als trainer.

En als verdediging ratelde ik, op welke vraag dan ook, direct het antwoord op.

Langzaam maar zeker heb ik ontdekt, dat het helemaal niet waar is, dat studenten vragen stellen om jou te pesten, integendeel.

En nu weet ik inmiddels ook, dat je vragen heel goed kunt gebruiken om iedereen in de zaal iets te leren, als je het maar op de juiste manier aanpakt. Dat ik BLIJ mag zijn met een vraag.

Waarom stelt iemand een vraag? 

Ja, dat is een inkopper, toch?

Omdat ze iets niet begrijpen, of omdat ze meer willen weten.

Dus NIET;

Omdat ze je willen betrappen op een fout. En toch – schiet deze gedachte altijd nog even stiekem door mijn hoofd, dat het een aanval is.

Mensen die naar jouw training komen, willen iets leren. Anders komen ze namelijk voor niets!

Dus het laatste wat ze willen, is dat jij faalt. 

Stap 1 in het goed omgaan met vragen, is geloven dat jouw studenten, groot of klein, jou graag goed willen vinden.

Niemand gaat naar het theater om BOE te roepen.

Dus je begint al met 1-0 voor. Lekker gevoel toch?

Hoe betrek je de hele groep bij een vraag?

Je kunt een vraag enorm goed gebruiken als werkvorm. Met andere woorden: als vorm om je studenten/deelnemers aan het werk te zetten.

Daarvoor moet je wel eerst één verduidelijkende vraag stellen, liefst VOORDAT de vraagsteller begint.

En dat is: “is deze vraag relevant voor iedereen?”

Wanneer het antwoord NEE is, nodig je de vraagsteller uit in de pauze langs te komen. Is het antwoord JA, dan heb je er op deze manier voor gezorgd, dat de aandacht van de hele groep gericht is op de vraagsteller, de vraag is namelijk voor hen ook interessant.

Zodra de vraag is gesteld, kun je natuurlijk jouw alomtegenwoordige wijsheid tentoonspreiden (de valkuil van IEDERE trainer). Maar wanneer je direct antwoord geeft, leert de groep heel passief en is het de vraag of ze het antwoord de volgende dag nog weten.

Leg de vraag terug. Bedank allereerst de vraagsteller (op deze manier creëer je een veilige omgeving), en daarna vraag je:

“Wat denk je zélf dat het antwoord is?”

Ik neem altijd de tijd om de groep te instrueren: “ik vraag het aan deze persoon, maar de vraag geldt net zo goed voor jou- wat denk jíj dat het antwoord is?”  

Soms krijg ik meteen een goed antwoord, soms een half, soms moet ik even helpen. En ongeacht hoe goed of fout het antwoord is, ik bedank ALTIJD voor het antwoord. Het is namelijk heel kwetsbaar om iets te zeggen, waarvan je niet weet of het goed is.

Daarna vraag ik de groep:”wie heeft er nog een aanvulling”, of wanneer de vraagsteller totaal in de verkeerde richting zit: “wie heeft er nog een ander idee?”

Door op deze manier om te gaan met vragen stellen creëer je een aantal positieve effecten.

7 Redenen om blij te zijn met een vraag

  1. Iemand die een vraag stelt (over de inhoud), is betrokken bij je verhaal;
  2. Er is veiligheid genoeg om een vraag te stellen;
  3. Een vraag geeft iets specifieks aan, waar jij wellicht nog niet aan had gedacht;
  4. Je kunt de hele groep betrekken, door ze mee te laten denken;
  5. De vragensteller/groep bedenkt vaak (het grootste gedeelte van) het antwoord;
  6. Je laat mensen naar huis gaan met een gevoel, dat ze enorm veel geleerd hebben, en dat ze hartstikke goed zijn in wat ze doen, in plaats van dat ze naar huis gaan met het gevoel “wat een goede trainer was dat”;
  7. Je geeft jezelf tijd en ruimte om meer inzicht te krijgen in de vraag, waardoor je altijd nog wel iets kan aanvullen op de al gegeven antwoorden, in plaats van dat je opeens voor het blok wordt gezet en iets moet ophalen van lang geleden wat je niet precies meer wist. En vaak leer je zelf ook nog wat nieuws van de antwoorden uit de groep!

Voor mij is het op deze manier omgaan met vragenstellers een heel belangrijke stap in het creëren van een veilige omgeving in de training.

wat doe JIJ om een veilige omgeving te creëren?

Wanneer je jouw ervaringen deelt in de commentaar box hieronder, krijg je van ons GRATIS een 30-minuten gesprek met één van onze trainers, waar jij een vraag aan kunt stellen over hoe je je training beter kunt maken (en je weet nu wat het eerste antwoord terug gaat zijn:))

  • Jos schreef:

    Ik heb een keer gespeeld met het volgende.
    Als reactie op een vraag gaf ik aan dat het een goede vraag zou zijn voor een toets, met gelijk er achteraan dat het een multiple choice toets is en of ik gelijk ook de 4 mogelijke antwoorden mocht vernemen.
    Mijn idee was dat de vragensteller de mogelijkheid had om een beetje te spelen met de opties die in zijn hoofd zitten en aangezien er maar 1 antwoord goed hoeft te zijn ook de ruimte heeft om minder correcte antwoorden te geven.
    De rest van de groep kregen de vraag natuurlijk voorgelegd. Zet A, B,C of D (of 0 als het goede antwoord er niet tussen zit) op een papiertje en steek dat de lucht in.
    En zo werd iedereen betrokken bij waarom een antwoord wel of niet goed was.
    Probleem was dat het beantwoorden van deze vraag veel te lang ging duren.

    • Gerdy Heek schreef:

      Leuke en interessante toevoeging! Ik kan me inderdaad voorstellen dat je dat niet bij iedere vraag op deze manier aanpakt. Als je wilt, kan ik je wat tips geven over hoe je het vragen stellen effectief en efficiënt kunt houden. Ik mail je met een uitnodiging!

  • Esther Strik schreef:

    Mezelf kwetsbaar opstellen door iets meer van mezelf te laten zien als mens.

    • Gerdy Heek schreef:

      Absoluut… durven kwetsbaar te zijn is stap één in het creëren van een veilige situatie Esther – het “één van ons” zijn.

  • Gesa schreef:

    Bij groepen waarbij de deelnemers elkaar nog niet kennen start ik mijn trainingen graag met een kennismakingsoefening die al een beetje de toon zet voor de training. B.v. de oefening: “Positief hypothetiseren”. Ik vraag als eerste een vrijwilliger, die de spits afbijt.
    De overige deelnemers worden gevraagd om te hypothetiseren over een aantal onderwerpen die ik in de PowerPoint of op een flipchart zet. Zoals: Wat heeft zij altijd in haar handtas, wat is zijn favoriete vakantiebestemming, wat zijn hobby’s, waarom zijn mensen graag met haar bevriend, lievelingsboek e.d.
    De oefening breekt het ijs en ik heb nog nooit meegemaakt dat niet (bijna) iedereen op deze veilige manier wil ervaren welke eerste indruk anderen van hem/ haar hebben.

  • Sabine Sterckx schreef:

    Ik leg papiertjes klaar waar de “luisteraars” hun vragen kunnen opschrijven. Ik haal de papiertjes op en bekijk tijdens de pauze welke vragen ik terugkoppel naar de hele groep en welke vragen ik even uitleg in een kort gesprek. Het geeft me even ademruimte om over een goed antwoord na te denken.

    Bij het begin van de training licht ik de mensen eerst in over deze werkwijze.

  • >